|
Uit: |
Rechercheur Baantjer Bureau Warmoesstraat
deel 1 |
|
Uitgegeven door De Fontein -
Baarn - verschenen 1993 |
|
Grafsteen
Ze zat breeduit. Haar groene ogen namen mij
scherp op. 'U bent rechercheur?' vroeg ze met een zweem van twijfel.
Toen ik het bevestigde, zei
ze: 'Ik ben mevrouw De Vries. Ik kom voor een delicate zaak.' Ze
frommelde in haar handtas, nam daaruit een foto en gaf mij die. Het
was een amateurkiekje van een goed verzorgd graf met een monumentale
grafsteen. 'Het graf van mijn man,' legde ze uit.
'Uw man is dus overleden.' concludeerde ik overbodig.
Haar vol gezicht werd rood.
'Daar gaat het niet om,' zei ze fel. 'Kunt u niet lezen wat erop
staat?'
Hoewel het kiekje niet van beste kwaliteit was, kon ik de tekst op
de steen duidelijk onderscheiden. 'Hier rust mijn beste vriend,' las
ik hardop.
Ze zwaaide met haar arm. 'Die steen moet eraf. Ik heb hem er niet op
laten zetten.'
'Wie wel?'
Ze snoof verachtelijk. "Hel zal wel die Ans zijn geweest. Mijn man
was zijn hele leven een toonbeeld van eer en deugdzaamheid. Zijn
enige misstap was die Ans. Zij heeft hem verleid. En van haar is die
steen. Om mij te pesten.'
Ik beloofde de zaak te
onderzoeken en toog naar het adres van Ans. Het bleek mij, dat de
relatie al lang geleden was beëindigd. Ze was nog niet eens op de
hoogte van het verscheiden van de heer De Vries, zodat zij
onmogelijk voor het plaatsen van de steen verantwoordelijk gesteld
kon worden.
Omdat het geval mij
intrigeerde trok ik naar het kantoor van de bewuste begraafplaats.
Een braaf man stond mij te woord. 'Tja,'zei hij, 'het was nogal een
vreemde zaak. Kort na het overlijden van de heer De Vries kwamen
hier aan het kantoor drie dames. Ze vroegen of het mogelijk was om
op het graf een steen te laten plaatsen.
Ik vroeg, zoals gebruikelijk,
of zij familie van de overledene waren. Nee, dat waren zij niet.
maar ze hadden alle drie de overledene heel goed gekend, Omdat de
nagedachtenis zo dierbaar was, wilden zij aanvankelijk ieder een
steen op het graf laten plaatsen. Maar drie stenen vonden ze toch
wel wat te veel. Ze kwamen uiteindelijk overeen om tezamen een steen
te bekostigen, waarop de tekst "Hier rust mijn beste vriend". Men
kon er dan van uitgaan, dat die tekst sloeg op de zeer persoonlijke
relatie, die ieder van hen met de overledene had gehad.'
Hoewel ik niet aan de woorden van de man van de begraafplaats
twijfelde, ploos ik alles nog even na. Hel klopte.
Meneer De Vries bleek tot aan zijn dood een bruisend leven te hebben
geleid, volgepropt met amoureuze avonturen.
Een paar dagen later trok ik met gemengde gevoelens naar de weduwe.
'U kunt de steen laten verwijderen,' zei ik. 'Het is een eigen
graf.'
Ze keek mij aan. 'Heeft u die Ans gevonden?'
'Ja, maar de steen is niet van haar.'
'Van wie dan wel?'
Ik slikte. 'Het waren vrienden van uw man. Ze... ze wensen anoniem
te blijven. Ze hebben uw man zeer gewaardeerd.'
Ze glimlachte opgelucht en bedankte mij voor mijn onderzoek. 'Weet
u. rechercheur,' zei ze bij het afscheid, 'ik ben zo gelukkig, dat
het niet die Ans was.'
A.C. Baantjer
Archief
verhaal van de week
|